My complaint:
Ik moet een bestuursrechtelijke boete voor de maand december betalen. Deze voldoe ik begin april.
De deurwaarder meent nu dat deze betaling is afgeboekt op de maand Februari. Dit wijs ik af, aangezien ik eind april een herinnering kreeg voor de maand Februari. Mijn betaling kan daarom onmogelijk twee weken eerder al zijn afgeboekt. Bovendien diende mijn betaling te worden voldaan op de gebruikelijke wijze : op de oudste op dat moment openstaande post, en dit was December.
Begin Mei voldoe ik de premie voor de maand Februari. Hiervoor gebruik ik het CJIB-nummer : dit betalingskenmerk heeft betrekking op de maand Februari. Nochtans stelt de deurwaarder dat deze betaling is geboekt op de maand Maart.
Ook dit wijs ik af : Eind Mei arriveert een herinnering voor de maand Maart, dus mijn betaling van twee weken eerder, kan nooit op maart geboekt zijn. Men dient het eigen CJIB nummer te gebruiken, en niet betalingen te boeken op ‘willekeurige’ posten.
Ik heb de indruk dat e.e.a. is gebeurd nadat de deurwaarder overleg heeft gepleegd met CJIB.
Door deze constructie kon men de premie voor december onbetaald laten, waardoor de deurwaarder mij inmiddels 450 euro in rekening heeft gebracht.
Desired solution:
Een verklaring van CJIB waarmee men aangeeft de boekingen alsnog op de juiste posten te hebben geboekt. Dwz mijn betaling van april moet geboekt worden op december, en mijn betaling van mei op de maand februari. dit zijn immers de juiste posten.
Op deze manier kan ik aantonen dat de deurwaarder mij onterecht 250 euro in rekening gebracht heeft.

